Gistel, 10 juli 2011

26 godgeliefde boetelingen, op bruine sletsekens, strompelend over woestijnheet asfalt, paardendrollen mijdend.


Een genadeloze zon… misère de misère! Moord hangt in de lucht…


Voor ons de blanke Heilige… roerloos.


Voorwaarts, voorwaarts, de bazuinen schallen!


Wat Brabantse trekpaarden kunnen, kunnen wij ook! Slechts één doel: aankomen!


Aankomen in het voorgeborchte van de oase: de dampende kleedkamer. Geen enkele zondige gedachte, slechts begeerte naar een gekleurd bonnetje voor de beloofde ijskoude pint.


O Heilige Godelieve, wees ons koor nog een jaar genadig. Met kuis gemoed staan wij hier volgend jaar opnieuw.